Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.
Als je voor een project of onderzoek informatie van een bepaalde persoon nodig hebt, kun je een interview afnemen. Een interview is een goede methode om in één keer veel informatie te verzamelen.

Doorloop de volgende stappen om een goed interview te doen.

  • 1. Een interview voorbereiden

    Zorg ervoor dat je goed bent voorbereid wanneer je iemand gaat interviewen. Als iemand jou zou interviewen, zou je het waarschijnlijk ook prettig vinden als die persoon heeft nagedacht over de vragen en een duidelijk doel voor ogen heeft. Doorloop de volgende stappen om je interview goed voor te bereiden.

    Waarom en wie?

    • Denk na over het doel van je interview: welke informatie wil je krijgen door dit interview?
    • Bepaal de doelgroep: wie ga je interviewen?

    Wat?

    • Bedenk de verschillende onderwerpen waarover je vragen wilt stellen.
    • Schrijf alle vragen op die je kunt bedenken bij de verschillende onderwerpen.
    • Bekijk de vragen op inhoud: selecteer de vragen die echt passen bij je doel.
    • Bedenk of je open of gesloten vragen wilt stellen. Formuleer duidelijke en korte vragen (geen samengestelde vragen die uit meerdere vragen bestaan).

    Hoe?

    • Zet alle vragen per onderwerp in een logische volgorde.
    • Bedenk wat je zegt in de inleiding en in de afsluiting.
    • Bepaal hoeveel tijd je ongeveer nodig hebt voor het gesprek.
    • Bedenk hoe je het gesprek registreert: je kunt aantekeningen maken of het interview opnemen. Als je opneemt, vraag dan wel eerst toestemming aan de geïnterviewde. Het voordeel van aantekeningen maken is dat je echt goed moet luisteren en moet doorvragen als je iets niet begrepen hebt. Het beste is misschien nog de combinatie: je maakt aantekeningen en gebruikt de opname als back-up.
    • Als je met meerdere mensen samen een interview houdt, spreek dan duidelijk af wie welke vragen stelt.
  • 2. Interviewvragen stellen

    Tijdens een interview kun je diverse soorten vragen stellen. Het is goed om dat te beseffen voordat je begint met het interview. Hoe je een vraag formuleert, bepaalt in hoge mate wat voor antwoord je krijgt.

    Bedenk vooraf de letterlijke formuleringen van de vragen. Op die manier kun je beïnvloeden dat je zo veel mogelijk de informatie krijgt die je wilt krijgen.

    Open of gesloten vragen?

    Bij open vragen heeft de geïnterviewde ruimte om te antwoorden.

    • Voordeel: je duwt de geïnterviewde niet een bepaalde kant op.
    • Nadeel: de geïnterviewde kan te veel kanten opgaan.

    Bij gesloten vragen zijn maar een paar antwoorden mogelijk.

    • Voordeel: je kunt iemand tot een simpel antwoord dwingen.
    • Nadeel: de sturing kan vervelend zijn en iemand kan heel korte antwoorden geven, waardoor je weinig informatie krijgt.

    Directe of indirecte vragen

    Met directe vragen ga je direct op je doel af.

    • Voordeel: je bent direct en duidelijk.
    • Nadeel: het kan brutaal overkomen.

    Met indirecte vragen ga je niet direct op je doel af.

    • Voordeel: het is niet zo confronterend.
    • Nadeel: je krijgt niet altijd de informatie die je wilt.

    Stel aan het begin van het interview vooral open en indirecte vragen (zo voelt de geïnterviewde zich meer op zijn gemak) en pas later gesloten en directe vragen om meer precieze informatie los te krijgen.

    Doorvragen

    Soms geeft iemand enkel korte antwoorden, waardoor je niet genoeg informatie krijgt. Vraag dan tijdens het interview goed door. Je kunt dit zowel met open als gesloten vragen doen, en met directe en indirecte vragen.

  • 3. Een interview afnemen

    Hoe kun je ervoor zorgen dat je interview zo soepel mogelijk verloopt? Ook daarop kun je je prima voorbereiden.

    Introductie

    Vertel in de inleiding iets over jezelf en over het doel van het interview. Geef de geïnterviewde ook de gelegenheid om jou iets te vragen.

    Vragen stellen

    Stel je vragen zoals je ze hebt voorbereid. Probeer antwoorden te krijgen waar je iets aan hebt. Krijg je die niet, stel dan extra vragen om de geïnterviewde een beetje in de goede richting te duwen.Geef af en toe een samenvatting van een antwoord. Je kunt hiervoor bijvoorbeeld de volgende constructies gebruiken:

    Laat ook af en toe een stilte vallen. Vaak licht een geïnterviewde zijn antwoord dan nog wat toe.

    Vat aan het einde van het interview het gesprek samen en vraag of de geïnterviewde nog iets wil toevoegen. Vraag ook of de geïnterviewde het interview wil inzien. Maak vooraf duidelijk wat je wel of niet kunt aanpassen.

    Vaak komt het voor dat de geïnterviewde op dat moment, na de afsluiting, nog een laatste mooie uitspraak doet. Zorg dus dat je blijft opletten, zodat je die uitspraak achteraf nog kunt noteren!

  • 4. Een interviewverslag schrijven

    Een interviewverslag is niet gelijk aan het interview. In je verslag zet je alleen de belangrijke elementen. Hoe kom je van aantekeningen tot verslag?

    Voor het schrijven van het verslag kun je de volgende stappen nemen:

    1. Schrijf de antwoorden uit als je het interview hebt opgenomen. Heb je het interview met iemand anders samen gedaan, vergelijk dan je aantekeningen en maak ze compleet.
    2. Zet de antwoorden in een logische volgorde. Dat hoeft dus niet de volgorde te zijn waarin je de vragen gesteld hebt.
    3. Kies de vorm waarin je het verslag schrijft:
      – directe vorm: vraag en antwoord
      – verhaalvorm: een lopend verhaal in de hij/zij/hen-vorm.
    4. Controleer je verslag aan de hand van de volgende vragen:
      – Heb je de antwoorden volledig en eerlijk weergegeven?
      – Ben je geen belangrijke informatie vergeten uit je aantekeningen?
      – Heb je je verslag gecontroleerd op grammatica- en spelfouten?
    5. Laat je verslag eventueel lezen door de geïnterviewde om te controleren of je geen interpretatiefouten hebt gemaakt. Als het nodig is, verbeter je je verslag.