Het STARRT-model is een belangrijk hulpmiddel bij assessments. Je kunt het model gebruiken om een toelichting te schrijven of om je gesprek te voeren. STARRT staat voor Situatie, Taak, Aanpak, Resultaat, Reflectie en Transfer of Tegendeel.
Om een helder beeld te krijgen kun je de STARRT-methode gebruiken:
Er zijn verschillende STARRT-formulieren: per letter beantwoord je een aantal gerichte vragen, doe dit concreet en ‘to-the-point’, zonder overlapping. Hoe concreter en vollediger jouw informatie over het gevraagde gedrag in je portfolio, hoe soepeler het assessmentgesprek waarschijnlijk zal verlopen.
Voor een portfolio-assessment lever je een portfolio in. Twee assessoren beoordelen jouw portfolio en stellen tijdens een assessmentgesprek kritische vragen over de bewijzen in je portfolio. Hiervoor gebruiken ze de beoordelingscriteria voor het assessment.
Ook bij een gedrags- of performance-assessment wordt je beoordeeld op beoordelinscriteria, alleen hoef je voor dit type assessment geen portfolio in te leveren: in dit geval observeren twee assessoren je tijdens een opdracht in de praktijk of in een simulatie.
Voor een portfolio-assessment lever je een portfolio in. Twee assessoren beoordelen jouw portfolio en stellen tijdens een assessmentgesprek kritische vragen over de bewijzen in je portfolio. Hiervoor gebruiken ze de beoordelingscriteria voor het assessment.
Bestudeer de assessmenthandleiding van je opleiding: wat is de vereiste structuur van je portfolio, wat zijn de randvoorwaarden om deel te nemen aan een assessmentsgesprek? Een goede voorbereiding is het halve werk; neem de tijd hiervoor.
Het samenstellen van een portfolio is tijdrovend; houd hier rekening mee. Je doorloopt voor het maken van je portfolio de volgende tien stappen:
De bewijzen zijn meestal beroepsproducten, zoals een marketingplan, adviesrapport of behandelplan. Andere voorbeelden van bewijzen zijn: ervarings- en reflectieverslagen, beoordelingen of feedback van collega's, medestudenten, praktijkbegeleiders en docenten. Het aantal bewijzen dat je mag opnemen, is beperkt. Kies daarom de beste en succesvolste voorbeelden die jouw professionele gedrag aantonen. Je schrijft bij het bewijs een toelichting waaruit blijkt dat je hebt gehandeld volgens de beoordelingscriteria van het assessment.
Je geeft informatie over de context waarin je het bewijs hebt gemaakt: wat was je bijdrage, wat was je aanpak, welke keuzes heb je gemaakt en waarom, wat was het uiteindelijke resultaat? Het gaat dus over jouw professionele handelingen, het gedrag dat je daarbij hebt laten zien en de verantwoording daarvan. Je draait als het ware de film terug en je laat de assessoren meekijken. Dat doe je volgens de STARRT-methode.
Bij een gedrags- of performance-assessment observeren twee assessoren je tijdens een opdracht in de praktijk of in een simulatie. De assessoren kijken of je het gedrag laat zien dat in de beoordelingscriteria staat: of je professioneel handelt conform de vereiste beoordelingscriteria.
Daarna voeren ze hierover een assessmentgesprek met je. Dit gesprek en de beoordeling ervan verlopen hetzelfde als bij een portfolio-assessment.
Tijdens een portfolio-assessment zijn de assessoren nieuwsgierig naar wat je precies hebt gedaan in de verschillende situaties die je hebt beschreven in je portfolio: hoe ben je tot keuzes gekomen en hoe ingewikkeld was het? Ze zullen je daar een aantal vragen over stellen. Dit gesprek kun je goed voorbereiden.
Zorg altijd voor een goede voorbereiding op je assessmentgesprek. Dat kan bijvoorbeeld door de volgende stappen te doorlopen:
Bekijk de video om een beeld te krijgen van een assessmentgesprek volgens de STARRT-methode.